Bestellen
In samenwerking met

Integrale bekostiging van de geboortezorg - De stand van zaken

Nataal oktober 2014, editie 22

In 2012 verscheen het adviesrapport van de NZa (Nederlandse Zorgautoriteit) over de bekostiging van de (integrale) geboortezorg. De conclusie was simpel: het veld was er nog niet klaar voor. De naadloze samenwerking tussen alle partijen was nog een stip aan de horizon. Afdwingen van de samenwerking door integrale tarieven door te voeren, beoordeelde de NZa als 'een aanzienlijk risico voor succesvolle integratie'. Minister Schippers (VWS) volgde het advies van de NZa. Eerst ervaring opdoen met experimenten voordat integrale bekostiging landelijk kon worden doorgevoerd.

Inmiddels is het twee jaar later. Nog steeds vindt de NZa dat een hechte samenwerking voorop staat. Annelies van Dijk, woordvoerder NZa: 'De bekostigingssystematiek is niet het instrument om samenwerking af te dwingen. De samenwerking moet op zorginhoudelijke gronden tot stand komen via regionale samenwerkingsverbanden. Het CPZ (College Perinatale Zorg) kan hierbij begeleiden.' Van Dijk erkent dat het niet storm loopt met aanmelden van experimenten bij de NZa.

Eén pilot
Maart dit jaar ondertekende Het Van Weel Bethesda Ziekenhuis in Dirksland (Goeree-Overflakkee) en zorgverzekeraar CZ als eerste in Nederland een overeenkomst voor een nieuw zorgtarief. Paul van der Velden, lid Raad van Bestuur: 'Wij zijn de eerste samenwerkingsgroep die zich bij de NZa heeft aangemeld voor de beleidsregel 'Innovatie'.' Deze biedt regionale samenwerkingsverbanden de mogelijkheid kleinschalig te experimenteren met zorg waarvoor nog geen prestatie bestaat voor de duur van maximaal drie jaar. Van der Velden: 'Onze afgebakende regio leent zich goed voor een experiment. Daarnaast spelen ook ideële motieven en de overtuiging dat het huidige systeem financieel niet vol te houden is, een rol. In onze dun bevolkte regio is verloskunde een kostbaar zorgproduct.' Een aantal factoren maakt echter dat het 'Van Weel' anders is dan meeste samenwerkingsinitiatieven in Nederland. Zo valt de eerste lijn al jaren onder de regie van het ziekenhuis en zitten partijen fysiek onder één dak. Daarnaast zijn zowel de eerste- als tweede lijn in dienst van het ziekenhuis. Geen aparte onderhandelingen, wat de boel enorm vereenvoudigt. 'Toch was het ook in Dirksland geen eenvoudige klus om iedereen op één lijn te krijgen', zegt Van der Velden. 'We hebben heel, heel, heel veel met elkaar gepraat. Pas na drie jaar was er echt vertrouwen in elkaar.'

Moeilijke stap
Chiel Bos, voorzitter van het CPZ legt uit waarom het aanvragen van een integraal tarief een probleem is. 'De aanvraag moet worden gedaan door een zorgaanbieder die alle zorgverleners van de keten in de geboortezorg vertegenwoordigt. Sinds het opstellen van deze mogelijkheid in 2012 is het vormen van een natuurlijke persoon of rechtspersoon die een bedrijfsplan heeft voor het leveren van integrale geboortezorg blijkbaar nog een moeilijke stap.' Naar schatting van het CPZ is zo'n 30% van de samenwerkingsinitiatieven al goed op weg. Daarvan is 5 tot 10% naar idee van Bos in de fase van het vormen van een rechtspersoon richting de verzekeraar. De groei naar een integrale geboortezorg komt, maar duurt naar de zin van Bos te lang. 'Veel betrokkenen blijven nog op de oude manier naast elkaar werken. Maar er moet worden samengewerkt anders kan goede (integrale) geboortezorg niet tot stand komen.'

Stimuleren samenwerking
Er mag meer vaart komen in het stimuleren tot samenwerking. Dat vindt ook de inspectie voor de Gezondheidszorg. In juni verscheen het eindrapport naar de invoering van het advies van de Stuurgroep Zwangerschap en Geboorte. Essentieel voor de kans van slagen van geïntegreerde zorg is dat betrokken partijen elkaar kennen, vertrouwen en een gezamenlijke visie hebben op de manier waarop ze in de regio optimale geboortezorg wil leveren. De inspectie stelde vast dat in januari 2013 in elke regio een VSV (verloskundig samenwerkingsverband) was gevormd. Het fundament voor samenwerking is dan wel gelegd, maar kraamzorg en jeugdzorg zijn nog onvoldoende aangesloten op het netwerk van geboortezorg. Begin juni vroeg minister Schippers CPZ en zorgverzekeraars te zorgen dat meer regionale samenwerkingsverbanden zich bij de NZa melden. Eén pilot vindt zij volstrekt onvoldoende om antwoord te kunnen geven op de vraag of invoering van integrale bekostiging integrale geboortezorg faciliteert.

INCAS2
Ook beroepsorganisatie KNOV ziet geen integrale bekostiging zonder integrale geboortezorg. Gynaecoloog Anneke Kwee, lid van bestuur NVOG, sluit zich aan bij de visie van KNOV dat het belangrijk is dat experimenten plaatsvinden. Medio mei hebben NVOG en KNOV gezamenlijk een oproep gedaan aan alle VSV's om deel te nemen aan de INCAS2 pilots (experimenten waarbij integrale zorg wordt geïmplementeerd). Deze pilots worden begeleid door EMGO, het onderzoeksinstituut van het VUmc. Peter Buisman, hoofd belangenbehartiging bij KNOV: 'In Leiden is in januari de INCAS2 pilot begonnen. Inmiddels hangen er zo'n vier tot vijf kansrijke kandidaten in de lucht die ook met de INCAS2 pilot van start willen gaan.' Buisman verwacht dat tussen de tien en twintig pilots voldoende moet zijn voor een goed resultaat.' Netwerk Geboortezorg Rivierenland (NGR), een VSV plus in Tiel, koos medio juli voor deelname aan de INCAS2 pilot. Unitmanager Rob Hardeman (NGR): 'Wij geloven dat deelname aan de INCAS2 pilot ons verder brengt in het proces de onderlinge samenwerking beter te organiseren.' In januari is het Netwerk officieel van start gegaan, maar nu al merkt Hardeman dat dit veranderingsproces veel tijd en energie van mensen vergt. 'Het zou veel opleveren als het Netwerk financieel ondersteund zou worden in de weg naar integrale zorg en wellicht ook bekostiging.' Naast deelname aan INCAS2 pilots juicht NVOG andere experimenten van VSV's om te komen tot integrale zorg en een integraal tarief toe. Anneke Kwee: 'Deel kennis en ervaring die daar wordt opgedaan. Dan hoeft niet iedereen zelf het wiel opnieuw uit te vinden.'

Extra maatregelen
Nieuwe faciliteiten die de ontwikkeling naar integrale geboortezorg bespoedigen en daarmee integrale bekostiging dichterbij brengen zijn in aantocht. Naast de al bestaande beleidsregel Innovatie maakte NZa in juni de nieuwe beleidsregel 'verloskunde' bekend. Vanaf januari 2015 kunnen kraamverzorgenden en verloskundigen die samenwerken in een geboortecentrum onderling kosten voor geboortezorg bij elkaar in rekening brengen. Verzekeraars krijgen vanaf volgend jaar meer ruimte om te investeren in de samenwerking tussen zorgaanbieders. Via de module 'Integrale geboortezorg' kunnen eerstelijns verloskundigen bijvoorbeeld voor een zwangere beroep doen op de expertise van een gynaecoloog, terwijl de vrouw onder controle blijft van de verloskundige. De maatregelen dragen vermoedelijk bij aan een intensievere samenwerking tussen enkele partijen. Maar het is nog de vraag of ze leiden tot de zo gewenste samenwerking tussen alle betrokken partijen. CPZ is via Zorgverzekeraars Nederland (ZN) in overleg met zorgverzekeraars om te komen tot een gemeenschappelijke aanpak. Doel: nieuwe samenwerkingen bevorderen, voortgang en uitkomsten van integrale zorg evalueren. Het CPZ stelt voor om te kijken naar de modellen van integrale bekostiging zoals bij de chronische zorg. Ook daar zijn in de bekostiging drie elementen opgenomen: de kosten van de zorg zelf, de kosten van de ontwikkeling van de organisaties en de ICT, die de eerste jaren veel extra inzet en middelen zal vragen.

Van ik naar wij
Onafhankelijk adviseur Jacob Hofdijk (Casemix), die in opdracht van CPZ samenwerkingsgroepen begeleidt in hun proces naar integrale geboortezorg, verwacht dat met de module 'verloskunde' een stijging te zien zal zijn van het aantal initiatieven dat een plan van aanpak presenteert aan zorgverzekeraars om te komen tot integrale geboortezorgorganisatie. Hofdijk: 'Het feit dat er zo weinig experimenten met bekostiging zijn, heeft niet zo zeer te maken met de bekostiging, maar meer met de vijf fasen die de NZa benoemt. Deze moeten eerst zijn doorlopen voordat als één contractpartner een integraal tarief kan worden aangevraagd. Simpel gezegd moeten we van ik naar wij. Iedere partij heeft eigen belangen. Slechts in een beperkt aantal regio's zijn zorgverleners tot nu toe in staat gebleken daarover heen te stappen. Aanmelden van experimenten bij de NZa blijft een sluitstuk van het proces dat leidt tot organisaties die zich samen inzetten om integrale geboortezorg te regelen.'

Angst wegnemen
Ziekenhuis Bernhoven in Uden is één van de samenwerkingsinitiatieven die voorop loopt in de weg naar integrale bekostiging. Sinds februari 2012 zijn de gynaecologen en kinderartsen van het ziekenhuis, de verloskundigenkring (zeven praktijken) en de twee grootste kraamzorgaanbieders in de regio een officieel samenwerkingsverband. Wat is hun sleutel tot succes? Gynaecoloog Rene Kok: Nadat het Stuurgroepplan in 2010 uitkwam, zijn wij met de eerste- en tweede lijn bij elkaar gaan zitten. Allemaal wilden wij een verbetering van zorg. Een belangrijke stap om dit te bereiken, was het samen bespreken van alle nieuwe zwangeren in de regio.' Resultaat van dit wekelijkse gesprek tussen gynaecoloog, kinderarts en verloskundige was het groeien van het onderling vertrouwen en laagdrempelig contact zodat elkaar aanspreken makkelijker werd. Kok: 'Als je samen beslist waar een vrouw het beste af is en dus gezamenlijk een zorgpad opstelt, hoef je nooit achteraf na te kaarten. We merkten dat dit veel onvrede uit de lucht haalt. Gewoon door te beginnen en te doen, is het ons gelukt wantrouwen weg te nemen.' Volgens Kok zijn er twee belangrijke ingrediënten om te komen tot een situatie waarin over en weer vertrouwen in elkaar is. Kok: 'Allereerst moet er vertrouwen zijn tussen de eerstelijns verloskundigen onderling. Daarnaast moeten eerstelijns minded gynaecologen een voortrekkersrol binnen de tweede lijn nemen.'

Fluitje van een cent
De discussie over de oprichting van een Geboortehuis in april 2013 leidde in Uden tot een VSV Nieuwe Stijl. Kok: 'Het idee werd afgewezen, maar er was zoveel onderling vertrouwen, daar moesten we verder mee. Als een patiënt tussen de eerste- en tweede lijn wandelt, mag zij geen verschil ervaren. Ze moet voelen dat het zorgplan wat is ingezet gewoon doorgaat.' Sinds kort is Bernhoven gestart met een model voor integrale financiering. Kok: 'Daar gaan we als een bezetene doorheen, omdat we zo ver zijn met de integrale zorg en zoveel wantrouwen is weggenomen. Ik heb geen idee of we één bedrijf worden. Misschien blijft het gewoon een eerste- en een tweede lijn, maar dan wel met integrale zorg én integrale financiering.'

Quickscan
De weg integrale bekostiging kost tijd. De stappen daarnaar toe lijken soms klein, maar de beweging is onmiskenbaar. Hoe eerder integrale zorg staat, des te sneller de bekostiging kan volgen. Annelies van Dijk, woordvoerder NZa: 'Tweede helft 2014 gaat NZa een quickscan doen die focust op ontwikkelingen binnen de samenwerking tussen verschillende zorgverleners in de geboortezorg en de rol van bekostiging hierbij. In het advies dat naar verwachting eind 2014 bekend wordt, zal ook de zienswijze over de rol van de verzekeraars worden meegenomen en adviezen over wenselijke wijzen van bekostiging vanaf 2016.'

Tekst: Léonie de Boer

Uitgebreide informatie via volgende links:
Brief minister aan Tweede Kamer, juni 2014
Rapport inspectie voor gezondheidszorg, juni 2014
NZa advies 'bekostiging (integrale) zorg rondom zwangerschap en geboorte', juni 2012
Brief CPZ aan minister Schippers, maart 2014

 

actueel
  • 23-9-2019 - Baby's die via een keizersnede zijn geboren hebben ander darmflora

    Darmmicrobioom - ook wel darmflora genoemd - is het geheel van micro-organismen dat zich in het maag-darmstelsel bevindt. Je kan het ook zien als bacteriekolonies. Uit onderzoek blijkt dat baby's die via het geboortekanaal ter wereld komen, andere bacteriekolonies hebben in hun darmen dan baby's die via een keizersnede worden geboren. 

    Lees verder ...
  • 18-9-2019 - Lengte premature baby opmeten via scanner buiten couveuse

    Met een meetlat de couveuse in en je dan een weg manoeuvreren door een wirwar van zuurstof- en voedingskabel. Dát is wat verpleegkundigen nu wekelijks te doen staat om de lengte van een te vroeg geboren baby op te meten. Een babyscanner lijkt het ei van Columbus: deze verricht de meting namelijk buiten de couveuse.

    Lees verder ...
  • 16-9-2019 - Inkomen daalt van moeder in de twee jaar na geboorte eerste kind

    Het gemiddelde inkomen van vrouwen daalt sterk in de eerste twee jaar na de geboorte van het eerste kind, terwijl er slechts een zeer beperkt effect is op het inkomen van mannen. Het verschil wordt niet kleiner in de eerste acht jaar na de geboorte. 

    Lees verder ...
  • 12-8-2019 - Er is een app in ontwikkeling die inschat of een baby te vroeg geboren zal worden

    Er is een app in ontwikkeling, gebaseerd op een algoritme, die voorspelt of een baby te vroeg geboren zal worden. De software is nog in volle ontwikkeling en wordt gemaakt door IDlab, een onderzoeksgroep van Imec aan de Universiteit in Gent. Ook zou de software kunnen dienen voor mensen met migraine en dementie.

    Lees verder ...


GetUserInfo (in session):
(nr. = 1 geeft aan of er een controle op IP adres is uitgevoerd)
Aantal postcodes in DB:
0
(het aantal plaatsen in de DB met deze postcode)
IP adres:
3.227.233.55
(het ip adres van de bezoeker)
Plaats (in session):
(geselecteerde plaats uit IP adres / door gebruiker aangepast in shopping)
Postcode (in session):
(geselecteerde postcode uit IP adres / regiokeuze van de bezoeker)
Gekozen provincie (in session):
(geselecteerde provincie aan de hand van de postcode / regiokeuze van de bezoeker)

JQ categorie shopping:
JQ postcode shopping (in session):
JQ gekozen plaats shopping (in session):
JQ gekozen plaats shopping: