Bestellen
In samenwerking met

Hormoonverstorende stoffen op de kinderafdeling: schadelijk en onnodig

Nataal oktober 2015, editie 26

Medische hulpmiddelen van pvc bevatten hormoonverstorende stoffen die slecht zijn voor de gezondheid. Helaas wordt nu juist de kwetsbaarste groep aan een onverantwoord grote hoeveelheid van deze stoffen blootgesteld. Couveusebaby’s krijgen namelijk via de voor hen gebruikte medische hulpmiddelen een hoeveelheid binnen die de grenswaarde ver overschrijdt. Het Westfriesgasthuis in Hoorn bewijst dat dat anders kan.

Veel medische hulpmiddelen worden van pvc gemaakt. Om pvc, dat van zichzelf een hard en broos plastic is, zacht en flexibel te maken, worden weekmakers toegevoegd. De meest gebruikte weekmaker in pvc is DEHP (Bis(2-ethylhexyl)ftalaat). DEHP verstoort de hormoonhuishouding, wat resulteert in een vergrote kans op zaadbalkanker, borstkanker, ADHD, diabetes, obesitas en verminderde vruchtbaarheid¹. Vaak uiten die ziektes zich niet direct, maar pas later in het leven. Sterker nog: soms komen de door hormoonverstoorders veroorzaakte ziektes pas bij volgende generaties tot uiting². Bij ongeboren baby’s en jonge kinderen kan er als gevolg van blootstelling aan weekmakers bovendien permanente schade optreden aan organen en orgaansystemen, omdat die bij hen nog volop in ontwikkeling zijn. In een rapport van de Gezondheidsraad uit 2014 over prenatale blootstelling aan hormoonverstorende stoffen, concludeert zij dat (ongeboren) kinderen onvoldoende worden beschermd en dat er bij de normstelling geen rekening wordt gehouden met de effecten van opeenstapeling van risico’s van verschillende stoffen³.

Blootstelling in het ziekenhuis
Voorbeelden van medische hulpmiddelen van pvc die veel gebruikt worden bij couveusebaby’s zijn infuuszakken en katheters voor sondevoeding. Bij gebruik hiervan komt DEHP vrij dat vervolgens regelrecht in het lichaam van de baby terechtkomt. Een couveusebaby waarbij een speciale katheter wordt aangebracht, wordt dagelijks blootgesteld aan 2500 mcg DEHP: 83 keer de grenswaarde. Door het gebruik van medische hulpmiddelen zónder hormoonverstoorders te stimuleren, kan veel schade worden voorkomen. Dr. Gavin ten Tusscher, kinderarts bij het Westfriesgasthuis te Hoorn, heeft samen met zijn collega’s de kinderafdeling van het ziekenhuis bijna volledig pvc-vrij gekregen.

Voortschrijdend inzicht
Ten Tusscher promoveerde in 2002 onder leiding van Janna Koppe, emeritus hoogleraar neonatologie aan de Universiteit van Amsterdam, op een onderzoek naar het effect van dioxines op kinderen. Dat was voor Ten Tusscher de aanzet tot het zich verder verdiepen in allerlei soorten chemicaliën die mogelijk ook hormoonverstorend zouden kunnen zijn, zoals Bisphenol A (BPA), weekmakers en broomhoudende vlamvertragers. Hoe meer hij ontdekte, hoe meer hij dacht: ‘Dit is eigenlijk heel zorgelijk. Het gaat hier om kinderen, een uitermate kwetsbare groep. Door het maken van de juiste keuzes (voor bijvoorbeeld pvc-vrije hulpmiddelen), kan veel schade worden voorkomen.’ Van 2004 tot 2010 was hij voorzitter van de internationale non-profit organisatie Health Care Without Harm Europe, waarbij veel ziekenhuizen en gezondheidsdeskundigen in Europa zijn aangesloten. Die voorgeschiedenis heeft er uiteindelijk toe geleid dat hij zich volop is gaan inzetten voor het gebruik van pvc-vrije producten in het ziekenhuis.

Alternatieven
Ten Tusscher vertelt dat het vinden van veiliger, pvc-vrije producten in het begin nog niet eenvoudig was: ‘Toen moesten we zelf leveranciers aanschrijven om erachter te komen of er pvc in hun producten zat. Soms wisten zij dat zelf niet eens.’ Tegenwoordig is wettelijk vastgelegd dat op de verpakking van medische hulpmiddelen moet worden vermeld of er pvc in zit. Dat maakt het voor ziekenhuizen een stuk eenvoudiger om pvc-vrij in te kopen. Voor nagenoeg alle medische hulpmiddelen is er wel een pvc-vrij alternatief te vinden, aldus Ten Tusscher. In het Westfriesgasthuis werkt men, op de neonatologie- en kinderafdelingen, inmiddels zo veel mogelijk (80-100%) pvc-vrij.

Kosten geen obstakel
Ook de kosten hoeven geen obstakel te zijn om pvc-vrij in te kopen. In 2004 lagen, volgens een Oostenrijks ziekenhuis, de kosten voor pvc-vrije medische hulpmiddelen over de hele linie nog zo’n 10-12% hoger dan bij het gebruik van pvc bevattende hulpmiddelen. Maar nu er steeds meer pvc-vrije producten op de markt zijn, worden de kosten lager. Tegenwoordig zijn sommige pvc-vrije producten zelfs goedkoper dan pvc-bevattende producten. Dat geldt bijvoorbeeld voor infuuszakken. En doordat ziekenhuizen massaal kunnen inkopen, kunnen zij contracten met gunstiger prijzen sluiten. Over het geheel genomen lijkt het erop dat het in kosten niet meer veel uitmaakt.

Onbekendheid
Het overgaan op pvc-vrije alternatieven heeft consequenties voor het hele ziekenhuis: de afdeling inkoop moet de juiste alternatieven vinden en het medisch personeel moet op de hoogte gebracht worden. Dat is één van de redenen waarom nog lang niet alle kinderafdelingen in Nederlandse ziekenhuizen zo veel mogelijk pvc-vrij inkopen. Maar ook het feit dat niet alle kinderartsen op de hoogte zijn van de schadelijke effecten van het gebruik van pvc-bevattende medische hulpmiddelen en de mogelijkheden om pvc-vrij in te kopen, speelt hierin een rol. Dat kan hen overigens niet kwalijk genomen worden: medisch personeel heeft het te druk met de dagelijkse werkzaamheden om zich ook daar nog eens in te kunnen verdiepen, aldus Ten Tusscher.

Politiek
Voor het geven van een praktische invulling aan het overgaan op pvc-vrije alternatieven voor medische hulpmiddelen, is voor de Nederlandse overheid dan ook een sleutelrol weggelegd. Die kan, door het aanpassen van wet- en regelgeving, ziekenhuizen stimuleren, of zelfs dwingen, hierin gezondheidsveilige keuzes te maken. Wat Ten Tusscher betreft gebeurt dit door het gebruik van pvc-bevattende medische hulpmiddelen in ziekenhuizen waar mogelijk zo snel mogelijk te verbieden.
Het stellen van grenswaarden voor blootstelling aan schadelijke stoffen vindt hij niet genoeg. In principe vindt hij dat, als eenmaal bekend is dat een stof schade aan kan richten, elke waarde boven 0 niet goed is. In zulke gevallen moet het voorzorgsprincipe gehanteerd worden: zo lang niet heel zeker is dat een stof niet schadelijk is, geen risico’s nemen en het gebruik ervan verbieden. De huidige grenswaarde van 30 mcg DEHP per dag vindt Ten Tusscher bovendien sowieso discutabel, omdat deze grotendeels is vastgesteld op basis van dierproeven en weinig rekening houdt met de foetus, de zuigeling en het jonge kind. Bovendien zijn de effecten soms pas generaties later merkbaar. Een grenswaarde is vaak een compromis tussen financiële belangen en belangen die de gezondheid aangaan. Frankrijk, Denemarken en Zweden zijn zo moedig geweest om er, met het actief uitbannen van verschillende hormoonverstorende stoffen, een principiële kwestie van te maken. Ten Tusscher hoopt dat ook de Nederlandse overheid dat aandurft. Nederland is geen voorloper op dit gebied, vindt hij. Met de recent aangenomen motie die de regering aanzet tot het stimuleren van een verbod op deze stoffen op Europees niveau en het treffen van nationale maatregelen⁴, is er wel hoop dat er in Nederland wat schot in de zaak komt. ‘Een veelgehoord excuus van bestuurders en hulpverleners is dat zij er in hun eentje niets aan kunnen doen, maar dat is een misvatting. Alle beetjes helpen!’, aldus Ten Tusscher.

Beter voorkomen dan genezen
Het vermijden van hormoonverstorende stoffen in medische hulpmiddelen is nog eens extra belangrijk, omdat we ook al dagelijks via andere wegen (voedsel, cosmetica, schoonmaakmiddelen en meer) aan deze stoffen worden blootgesteld. Ten Tusscher: ‘Je wilt niet met medische hulpmiddelen nog eens een extra steentje bijdragen aan het blootstellen van kwetsbare groepen als jonge baby’s aan hormoonverstorende stoffen. Een arts heeft immers een eed afgelegd om geen schade te berokkenen. Om niet alleen te genezen, maar ook te voorkomen.’

Zoek en vind!
Om het vinden van pvc-vrije medische hulpmiddelen makkelijker te maken, heeft Health Care Without Harm een website in het leven geroepen waar bij het zoeken naar producten de checkboxen ‘PVC free’ en ‘BPA free’ aangevinkt kunnen worden.
 
Referenties
1. Rapport Health Care Without Harm. Non-toxic healthcare: Alternatives to Phtalates and Bisphenol A in Medical Devices, d.d. 31 december 20142. https://noharm-europe.org/documents/non-toxic-healthcarealternatives-phthalates-andbisphenol-medical-devices
2. Terugblik bijeenkomst hormoonverstorende stoffen voor Kamerleden en pers d.d. 11 juni 2014: http://www.wemos.nl/news/?v=6&lid=1&id=332
3. Rapport Gezondheidsraad. Risico’s van prenatale blootstelling aan stoffen, d.d. 19 maart 2014.
4
. Motie van de leden Van Tongeren en Cegerek, 21501-08, nr. 567, d.d. 10 juni 2015
5. Beantwoording Kamervragen over gezondheidsschade door hormoonverstorende stoffen in medische hulpmiddelen (2015Z09551), d.d. 30 juni 2015.


Tekst: Maureen Baartman

 

 

actueel
  • 14-6-2019 - CBF Erkenning voor Fonds Gezond Geboren

    Fonds Gezond geboren heeft de Erkenning ontvangen van het Centraal bureau Fondsenwerving (CBF). Hiermee is verzekerd dat elke bijdrage betrouwbaar wordt besteed en ten goede komt aan onderzoek in de verloskunde en neonatologie. Hierdoor kan elke donatie direct bijdragen aan de ambitie om babysterfte in Nederland terug te dringen.

    Lees verder ...
  • 13-6-2019 - Risico vermindert door natuurlijk bevallen na eerdere keizersnede

    Als een vrouw eerder is bevallen met een keizersnede, dan kan zij bij een volgende bevalling kiezen voor opnieuw een (geplande) keizersnede of een vaginale bevalling. Vrouwen die dan natuurlijk bevallen, hebben de minste risico's. De meeste risico's hebben vrouwen die tijdens een natuurlijke bevalling uiteindelijk toch een spoedkeizersnede moeten ondergaan.

    Lees verder ...
  • 23-5-2019 - Veganistisch eten tijdens zwangerschap wordt afgeraden

    Veganistisch eten tijdens de zwangerschap of tijdens de borstvoeding, is niet goed voor de kinderen. De Belgische Koninklijke Academie voor Geneeskunde zegt dat baby’s hierdoor zwakkere botten krijgen en een motorische ontwikkelingsachterstand oplopen. Ook jonge kinderen kunnen beter niet veganistisch eten, zegt de academie. Dit meldt Algemeen Dagblad. 

    Lees verder ...
  • 24-4-2019 - Stimuleringsprogramma ondersteunt gemeenten in kansrijke start

    Pharos ondersteunt gemeenten om te komen tot een gezamenlijke aanpak van het actieprogramma Kansrijke Start. Met deze aanpak bieden gemeenten kinderen die geboren worden in een kwetsbare situatie een betere kans.

    Lees verder ...


GetUserInfo (in session):
(nr. = 1 geeft aan of er een controle op IP adres is uitgevoerd)
Aantal postcodes in DB:
0
(het aantal plaatsen in de DB met deze postcode)
IP adres:
18.215.161.19
(het ip adres van de bezoeker)
Plaats (in session):
(geselecteerde plaats uit IP adres / door gebruiker aangepast in shopping)
Postcode (in session):
(geselecteerde postcode uit IP adres / regiokeuze van de bezoeker)
Gekozen provincie (in session):
(geselecteerde provincie aan de hand van de postcode / regiokeuze van de bezoeker)

JQ categorie shopping:
JQ postcode shopping (in session):
JQ gekozen plaats shopping (in session):
JQ gekozen plaats shopping: