Nataal - editie 40
12 NATAAL .nl In de laatste actielijn draait het om het eerder en gericht hulp en opvoedingsondersteuning bieden aan kwetsbare ouders. Dat wordt onder meer gedaan door het contact met de jeugdgezond heidszorg flexibeler en meer op maat te maken, laagdrempelige opvoedingsondersteuning te bieden voor kwetsbare ouders en zeer jonge kwetsbare ouders nog beter te helpen. Deze laatste doelgroep heeft vaak verschillende problemen met huisvesting, inkomen, onderwijs, kinderopvang en werk. Zij hebben daarom veelal praktische hulp nodig. Behoefte aan ondersteuning Uit interviews gehouden door GGD Hart voor Brabant blijkt dat ouders ook behoefte hebben aan die ondersteuning. Geanonimiseerd vertellen zij dat ze graag een goede ouder willen zijn, maar niet precies weten hoe ze dat kunnen zijn. Zo zegt iemand: ‘Je maakt een keuze om ouder te worden, maar je weet niet waar je aan begint.’ Niet voor niets pleit Ellemieke Moser voor het standaard maken van opvoedprogramma’s: ‘De zwanger schapscursus staat bijvoorbeeld niet ter discussie, maar het zou goed zijn als er niet alleen maar wordt gekeken naar het praktische en fysieke deel, maar ook naar het belang van opvoeding en hechting.’ Een andere ouder heeft behoefte aan bijeenkom sten met andere vaders en moeders: ‘Een plek creëren waar ouders ervaringen met elkaar kunnen delen, waar ook praktische tips worden gegeven en dan dicht in de buurt.’ Een derde wil graag goed voorbeeldgedrag geven. Maar ze vragen ook van professionals een bepaalde houding. Ouders willen dat hulpverleners eerlijk zijn en duidelijk: ‘Ook als de professional iets zelf niet weet’. Ze willen graag positief benaderd worden en in hun waarde gelaten worden: ‘De Integrale Vroeghulp kon bijvoorbeeld niet goed uitleggen en kwam dreigend over. Ze zeiden heel vaak “jullie moeten”.’ Een ander stelde dat er ruimte moet zijn om ouders op hun gevoel te laten vertrouwen. En daarnaast willen ze graag slechts één keer hun verhaal vertellen: ‘Ik heb meerdere keren een probleem aangegeven bij het consultatie bureau. Toen ik daar nog op terugkwam, bleek er niets in het dossier te staan.’ De geïnterviewde professionals voor dit artikel staan positief tegenover het actieprogramma. Ze zien het veelal wel als een bekrachtiging op iets waar ze eigenlijk al langer mee bezig waren: namelijk het geven van een goede start aan de volwassenen van de toekomst. KANSRIJKE START ‘Bundel met goede voorbeelden’ Trudie van der Staak - Verpleegkundig speci- alist i.o., GGD Hart voor Brabant ‘Kansrijke Start is geen kantenklaar programma. Het is een bundel van goede voorbeelden, met suggesties hoe je deze lo kaal kunt opvolgen. Er zijn namelijk door heel Nederland goede initiatieven, maar daarvan is lang niet iedereen op de hoogte. Sinds in 2015 de gemeentes de jeugdzorg zelf moeten regelen, maakt iedere gemeente een andere keuze. Het is maar net waaraan behoefte is in die omgeving. Ik werk in Tilburg, waar minister Hugo de Jonge Kansrijke Start lanceerde. Wij waren al langer bezig met het geven van een goede start aan zeer jonge kinderen. Zo heeft een Trudie van der Staak, verpleegkundig specialist i.o., GGD Hart voor Brabant
RkJQdWJsaXNoZXIy MjA3NTA1