Nataal - editie 44

42 NATAAL .nl ???????? RICHTLIJNEN Wat verloskundig zorgverleners tijdens een bevalling zeggen, kunnen vrouwen zich soms jaren later nog herinneren, weet Floor Molkenboer uit gesprekken met haar achterban. Molkenboer is de oprichter van de stichting Zelfbewustzwanger, de door het ministerie van VWS erkende cliëntenorganisatie van zwangeren en hun partners. “Een zinnetje als ‘Nu moet je je niet aanstellen, nu moet je doorzetten’ kan zó binnenko­ men, vrouwen kunnen daar jaren later nog last van hebben,” zegt ze. Taal reflecteert het denken De context waarin je als verloskundig zorgverlener werkt is heel bepalend voor je taalgebruik volgens Molkenboer. “Hoe gaan we met elkaar om, welke opvattingen hebben we over de vrouw die bevalt, hoe praten we daar onderling over? Als je het bijvoorbeeld onderling hebt over ‘die drie centimeter van kamer zeven’, zie je een vrouw onbewust niet als mens. Dat bepaalt mede welke communicatie plaatsvindt aan het bed, aan de zijde van de vrouw.” Taal reflecteert het denken, vindt ook gynaecoloog Claire Stramrood. Ze geeft gastcolleges aan onder andere derdejaars verloskundigen in opleiding en ver­ pleegkundigen die de obstetrie-opleiding doen over traumatische bevallingen en PTSS na de bevalling, thema’s waar zij en haar collega’s wetenschappelijk onderzoek naar doen. “Voor vrouwen die hun beval­ ling als traumatisch hebben ervaren, is het ontbreken HOE PRAAT JIJ BIJ EEN BEVALLING? ‘Kom op, je kunt het!’ Wat je als zorgverlener zegt - of juist niet - tijdens een bevalling kan van invloed zijn op hoe een vrouw haar bevalling beleeft. Maar met alleen de juiste woorden ben je er nog niet. Tekst: Denise Hilhorst BEVALLINGSTAAL

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA3NTA1