Nataal - editie 46

Leren toucheren, echo’s maken, die eerste ‘knip’ zetten en hoe fysiologisch gezien de bevalling verloopt. In de eerste maanden van de opleiding van de arts-assistent op de afdeling gynaecologie speelt een klinisch verloskundige een essentiële rol. Zij is degene die in een soort spoedcursus alle fijne kneepjes van de ‘normale bevalling’ bijbrengt. En is daarbij een welkome steun en toeverlaat in die eerste periode. Tekst: Bo-Anne van Egmond Laura van Zijtveld weet nog zo goed hoe het was: die eerste bevalling begeleiden. “Ik was zo bleu als het maar kan. Maar het vertrouwen dat ik kreeg van de verloskundige die zei ‘Laura, je kunt het’. Dat was zo fijn.” Van Zijtveld werkt nu anderhalf jaar als arts-assi- stent (ANIOS) op de afdeling gynaecologie in het Ziekenhuis Gelderse Vallei in Ede. Ze herinnert zich als de dag van gisteren hoe belangrijk de klinisch verloskundige voor haar is geweest in die eerste periode op de afdeling: “Ik heb het zeker wel als een stoomcursus ervaren, waarin ik volop werd begeleid. Bij ons ziekenhuis loop je drie maanden mee met de klinisch verloskundige om daarna de dienst in te gaan. Dat betekent dat je vijf dagen in de week, vijfenveertig uur meedraait, in een team van ongeveer tien verloskundigen. Een enorm intensieve periode. Eén verloskundige is je vaste mentor, daarbij kun je terecht als je op punten vastloopt. Daar vind je begrip en kun je op vertrouwen. Dat is prettig, dat laagdrempelige contact. Het is anders dan met de gynaecoloog, waar je als arts-assistent op zo’n moment toch nog een beetje tegen opkijkt. De afstand met de gynaecoloog is vaak ook wat groter; met de klinisch verloskundige werk je op dat moment elke dag NATAAL .nl 7 'Bij de verloskundige vind je begrip en je kunt op haar vertrouwen' Laura van Zijtveld, arts-assistent (ANIOS)

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA3NTA1