Nataal - editie 48

???????? MINISTERIE VAN VWS CO TINUE ZORG DOOR KRAAMVERZORGENDE Maastricht UMC+ en partners hebben de eerste resultaten bekendgemaakt van onderzoek naar continue zorg voor en begeleiding van zwangere vrouwen door kraamverzorgenden. Uit eerder onderzoek was gebleken dat door gebrek aan tijd en menskracht meer dan 70% van de vrouwen geen continue begeleiding krijgt. De rol van kraamverzorgenden in de permanente zorg voor en bege- leiding van kraamvrouwen bevindt zich in een experimentele fase. De onder- zoekers hopen te kunnen aantonen dat het kosteneffectief is om deze zorg standaard aan te bieden. Begeleiding door een kraamverzorgende is een goed alternatief voor de doula, die niet vergoed wordt en daarom alleen beschikbaar is voor vrouwen met een hoger inkomen. Tekst: Mireille Sampimon Onderzoek naar continue begeleiding barende door kraamzorg In 2009 was het al een concrete aanbeveling in het rapport ‘Een goed begin’: continue een-op-een- begeleiding vanaf het begin van elke bevalling. Bij laagrisicozwangeren zou dit door kraamverzorgen- den verzorgd moeten worden en bij hoogrisico- zwangeren door O&G-verpleegkundigen. Het advies van de Stuurgroep Zwangerschap en Geboorte, die het rapport schreef, om continue begeleiding aan te bieden tijdens een bevalling is nog niet geïmplementeerd in de geboortezorg. Volgens de stuurgroep werkt continue begeleiding bevorderend voor de gezondheid van vrouwen en het verkleinen van gezondheidsverschillen. Maar in plaats van kleiner, werden de verschillen de afgelopen jaren alleen maar groter. Zwangeren die het zich veroorloven kunnen, laten zich steeds vaker bijstaan door een doula. Inmiddels zijn er driehon- derd gediplomeerde doula's in Nederland. Carola Groenen, voorzitter van de KNOV gaf in oktober vorig jaar al aan dat de opkomst van de doula een signaal is dat de geboortezorg serieus moet nemen. “We zien dat de vrouw iemand naast zich wil van het begin tot het einde van de bevalling. Deze zorg moeten we beschikbaar stellen voor alle zwangeren in Nederland." Verloskundigen vinden het over het algemeen moeilijk om de begeleidende taak te moeten afstaan. Maar zij zien ook in dat ze hiervoor zelf niet voldoende tijd hebben. Het onderzoek naar continue zorg wordt uitgevoerd door het Maastricht UMC+ en de Academie Verloskunde Maastricht, samen met Limburgse kraamzorgcentra en de ziekenhuizen Zuyderland en Viecuri. Het wordt geleid door gynaecoloog Liesbeth Scheepers, Marianne van Nieuwenhuijze (lector aan de Academie Verloskunde Maastricht) en onderzoe- ker Adrie Lettink, arts-assistent gynaecologie van het Maastricht UMC+. Gekeken wordt naar kraamverzorgenden die vroegtijdig tijdens de 54 NATAAL .nl

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA3NTA1